maandag 14 november 2016

Bewust praten

Gesprekstechnieken, bewust een gesprek aangaan met iemand om zijn gedachten, ideeën, frustraties, blokkades, krachten, en wat al niet meer in beeld te krijgen.
Met het skills assessment in het vooruitzicht ben ik op zoek gegaan naar een collega waarmee ik mijn gespreksvaardigheden kan oefenen en feedback kan vragen. En dan heb je soms geluk, dan heb je een collega die de studie coach en mediator heeft afgerond, die tijd heeft voor mij, die met mij het gesprek aangaat en mij van feedback wil voorzien. Vanmiddag hebben wij samen een mooi gesprek gehad, een gesprek over zaken die haar op dit moment bezig hielden, waar ze tegen zaken aanliep maar waar ze ook kansen zag en verbinding vond met haar persoonlijke drijfveren en ambities.
Een gesprek waarin ik mijn collega beter leerde kennen, maar waarbij ik mijn collega in gesprek ook zaken liet benoemen die onder de oppervlakte lagen. In het gesprek hebben we samen gekeken waar haar weerstanden lagen en hoe die in verhoudingen stonden met haar passies binnen het onderwijs. Daarmee verdwijnen de weerstanden niet, maar ze verliezen wel terrein, worden in een groter perspectief geplaatst.


Samen hebben we op het gesprek gereflecteerd, zij gaf mij mee dat ik niet alleen luisterde naar de feitelijke woorden die in het gesprek werden gezegd maar juist zocht naar de zaken die tussen de regels werden gezegd, naar de laag onder hetgeen dat werd gezegd. Ze gaf aan dat zij zich gehoord voelde en tot verdieping kwam door mijn vraagstellingen. Mijn luisterhouding was actief en oprecht.
Fijn om dat van een collega met zoveel vakkennis op dit gebied terug te krijgen.

Vanuit mijn persoonlijke reflectie op het gesprek neem ik de volgende punten mee. Ik vind het enorm lastig om tijdens het gesprek niets aan te vullen.  Van nature denk ik vrij snel met iemand mee en vul aan. Fout, gewoon niet doen. Het gaat niet om wat ik weet of denk, het gaat om mijn gesprekspartner, die informatie wil ik boven krijgen, niet de mijne ( zoals mijn collega formuleerde, ik ben in het gesprek het middel, niet het doel).
Het aanvullen gebeurt niet alleen verbaal maar ook vaak fysiek, ik knik met mijn hoofd, ondersteun met mijn handen, onderbouw met mijn mimiek op wat mijn gesprekspartner zegt, waardoor soms zaken niet meer uitgesproken worden. (n.b. voor mijn onderzoek naar het voeren van kindgesprekken heb ik mij verdiept in non verbale communicatie)
Daarnaast merk ik dat ik het moeilijk vind om in het hier en nu te blijven tijdens het gesprek. In mijn hoofd houd ik lijstjes bij van alles wat wordt gezegd. Tijdens het gesprek. Ik ben in mijn hoofd al bezig met het verzamelen van mijn vragen en mogelijk te geven van reply's.
Afgaand op de feedback die ik kreeg was dit waarschijnlijk niet nodig. Ik pik tijdens het gesprek voldoende punten op om verder te komen in het gesprek.



Geen opmerkingen:

Een reactie posten